Shell wordt op geen enkele manier vrijgepleit van haar verantwoordelijkheid voor massale olievervuiling in de Niger Delta, stelt Milieudefensie in reactie op een door Shell gefinancierd onderzoek van de UNEP (het milieuprogramma van de VN), naar olielekkages in het Nigeriaanse Ogoniland, een (klein) gebied in de olierijke Niger Delta.
In dat gebied zou het leeuwendeel van de lekkages volgens het voorlopige rapport door sabotage veroorzaakt zijn. Als dit al het geval zou zijn, wat Milieudefensie sterk betwijfelt, moet Shell nog steeds de gelekte olie opruimen. Iets wat de multinational op vele plekken niet of heel slecht doet.
Het rapport wordt pas in december gepubliceerd en is dus nog voorlopig, maar Milieudefensie heeft ernstige twijfels bij de betrouwbaarheid van het onderzoek, dat geheel is gebaseerd op cijfers van oliemaatschappijen en voor 100 procent is gefinancierd door Shell. Bovendien vreest Milieudefensie dat Shell het rapport zal misbruiken om zich vrij te pleiten van haar verantwoordelijkheid voor de massale lekkages die zich in de gehele delta al decennialang voordoen. De cijfers van UNEP gelden maar voor een heel klein gebied in die Delta, waar Shell bovendien vanwege de explosieve situatie al jarenlang geen toegang meer toe heeft. Ze zijn niet representatief voor de situatie in het hele gebied.
Bovendien kloppen de cijfers in het onderzoek niet met gegevens van Shell zelf. In het voorlopige rapport staat, dat de afgelopen veertig jaar slechts 10 procent van de olielekkages in Ogoniland werd veroorzaakt door slecht onderhoud en 90 procent het gevolg is van sabotage. Cijfers uit Shell’s eigen jaarverslagen geven echter aan dat 45 procent van alle olielekkages vanuit Shell-installaties in Nigeria tussen 1998 en 2007 niet door sabotage, maar door gebrekkig onderhoud werden veroorzaakt. Bovendien is grootschalige sabotage een betrekkelijk recent fenomeen.
UNEP-topman spreekt zichzelf tegen
Milieudefensie erkent dat er in Nigeria sabotage van olie-installaties en pijpleidingen plaatsvindt, maar niet op de schaal die de oliemaatschappijen en UNEP nu claimen. Die beweringen zijn bovendien in strijd met uitspraken die het hoofd van UNEP -Mike Cowing- in juni van dit jaar deed in een uitzending van Zembla. Cowing bevestigde daarin onder meer het bestaan van grootschalige, door Shell veroorzaakte vervuiling en stelde eveneens dat Shell’s gedrag in Ogoniland ‘onacceptabel’ is.
Lees hier het volledige bericht.
Geplaatst door onze nieuwspartner Vroege Vogels